Ophef

Niets zo mooi of er tonen zich altijd ook wel mensen tegen. Met name op het vlak van religie, is de gebruikelijke reactie óf omarmen óf aanvallen, zoals vele wetenschappers al beschreven (o.a. Eileen Barker, David Bromley, Hijme Stoffels).

Zoals uit de wetenschap bekend (o.a. Reender Kranenborg, Paul Schnabel, Lorne Dawson), zoeken mensen die een religieuze beweging verlaten, wegen om die keuze voor zichzelf en anderen te legitimeren. Het is dan verleidelijk om die groepering negatief af te schilderen en in een kwaad daglicht te stellen. Zoals men dat ook vaak bij een echtscheiding ziet.

Conflicten in de eigen geloofsbeleving of in de relationele sfeer, zijn voor enkelen aanleiding geweest tot het gaan verspreiden van leugenverhalen over ons kerkgenootschap. Het internet is daarbij een gewillig medium om anoniem of onder pseudoniemen vele berichten te verspreiden, in werkelijkheid van slechts enkelen afkomstig.

Door de zo gegenereerde massa lijken er heel wat gelijkgestemde meningen te circuleren.

En als ‘zo velen’ het zeggen, dan zal het wel kloppen, toch? Denkt menigeen.

Zo is er ook in uiterst negatieve zin aandacht besteed aan de Orde en haar leden. Ons kerkgenootschap zag zich geconfronteerd met verdachtmakingen, valse beschuldigingen. Het openbaar ministerie en rechters hebben echter meermalen duidelijk gesteld dat de Orde niet verdacht is van enig strafbaar feit.

Media nemen vaak klakkeloos over wat de meeste commotie geeft, zonder zich echt in het onderwerp te verdiepen. Media en ook internet-schrijvers zijn veelal sensatiegericht, en worden, aldus wetenschappers als James Beckford en Lorne Dawson, daarin vaak gevoed door leugenverhalen van lieden die handelen uit gramschap. Onderzoek (waaronder van Eileen Barker) wijst uit dat deze verklaringen veelal onbetrouwbaar zijn, omdat men handelt uit persoonlijke frustratie.

De Orde heeft de valse berichtgeving over haar aan de kaak gesteld.

De Raad voor de Journalistiek heeft de media op de vingers getikt voor het klakkeloos publiceren van de onzin die door een enkeling, weliswaar gebruikmakend van vele pseudoniemen, over de Orde is gespuid.